Muur
SPOUWMUUR
Algemeen
Het aanbrengen van muurisolatie
BINNENMUUR
Algemeen
Verzagen en versnijden van Eurothane G platen
Aanbrengen van de Eurothane G platen
Bevestiging op houten onderstructuur
Bevestiging door middel van kleefspecie
Voegen van de Eurothane G platen
Afwerken van de Eurothane G platen
Algemeen
Behangen
Schilderen
Betegelen
Bevestigen van voorwerpen
BUITENGEVEL
Buitengevelbekleding
KELDERMUUR
Isolatie langs de buitenkant van de muur verlijmd met PUR lijm
Isolatie langs de buitenkant van de muur verlijmd met warme bitumen
ALGEMEEN
Het principe van elke spouwmuur ziet er (regionale verschillen in muurdiktes en spouwbreedtes buiten beschouwing gelaten) als volgt uit:
1. Buitenspouwblad in halfsteens metselwerk
2. Spouw
3. Binnenspouwblad in halfsteens of steens metselwerk
4. Binnenbepleistering
De functie van een spouwmuur is het verhinderen van elke wateroverdracht naar het binnenspouwblad.
Algemeen kan gesteld worden dat:
buitenspouwblad = regenscherm
spouw = capillaire snede
binnenspouwblad + pleister = luchtdichtheid
Er moet rekening gehouden worden met het feit dat, bij slagregen, na kortere of langere tijd (naargelang de capillariteit van de steen) er aan de spouwzijde minder of meer water van het buitenspouwblad afloopt. Dit water moet ter hoogte van de spouwsluitingen naar buiten worden afgevoerd.
Er kan geen sluitende garantie qua regendichtheid gegeven worden indien:
- het binnenspouwblad sterk luchtdoorlatend is (vb. schoon metselwerk)
- het buitenspouwblad uit niet-capillaire stenen is opgetrokken
- de spouw (te) smal is
De spouw kan wel of niet extra geventileerd worden. Men spreekt van extra ventilatie zodra onder en boven één of meer stootvoegen per lopende meter opengelaten worden.
Tijdens de opbouw worden binnen- en buitenspouwblad onderling verbonden met spouwankers.
Wij verwijzen naar het BUtgb-informatieblad “Geïsoleerde spouwmuren met gevelmetselwerk” voor een uitvoerige omschrijving van de Bouwkundige ontwerp- en uitvoeringsprincipes
HET AANBRENGEN VAN MUURISOLATIE
Volle spouwmuur
Gedeeltelijke spouwvulling
Isoleren binnenmuur
Voordat gestart wordt met het verzagen en verwerken van EUROTHANE G isolatiepanelen, dient het gebouw wind- en regendicht te zijn.
In een ruimte met een relatieve luchtvochtigheid tot 80 à 85% bij een normale temperatuur (5 à 20°C) kunnen de platen zonder bezwaar aangebracht worden.
Ook hogere luchtvochtigheden geven niet direct problemen voor zover deze van korte duur zijn.
VERZAGEN EN VERSNIJDEN VAN EUROTHANE G PLATEN
- Dunne EUROTHANE G platen kunnen versneden worden door middel van een universeel mes of breekmes. Hiervoor dient zowel de polyurethaanisolatie als het karton aan de rugzijde doorgesneden te worden. Vervolgens wordt de plaat gebroken waarbij men er wel op dient te letten het zichtzijdekarton niet te beschadigen.
- Dikkere EUROTHANE G platen worden doorgaans verzaagd door middel van een decoupeer- of handzaag. Er dient steeds gezaagd te worden met de zichtzijde naar u gericht.
- Wanneer een strook isolatiemateriaal verwijderd moet worden, dient het isolatiemateriaal met een mes doorgesneden te worden, zonder echter in het gipskarton te snijden.
- Verwijder vervolgens het isolatiemateriaal door met een mes of plamuurmes tussen de gipsplaat en het polyurethaan-schuim te snijden of te steken.
- Het verwijderen van een strook gipsplaat verloopt op een volledig analoge manier.
- Langs de zichtzijde wordt een V-vormige groef in de gipsplaat ingesneden zodat eveneens het karton aan de rugzijde van de gipsplaat doorgesneden wordt.
- De strook gipsplaat kan verwijderd worden door met een mes of plamuurmes tussen de gipsplaat en het polyurethaanschuim te snijden of te steken.
- Gebruik voor het doorboren van EUROTHANE G panelen bij voorkeur metaalboren. Indien versneden of verzaagde kanten bijgewerkt dienen te worden, kan een schaafrasp gebruikt worden.

AANBRENGEN VAN DE EUROTHANE G PLATEN
- bevestiging op houten onderstructuur
- bevestiging door middel van kleefspecie
VOEGEN VAN DE EUROTHANE G ISOLATIEPLATEN
Nadat alle EUROTHANE G panelen geplaatst zijn, kunnen de voegwerkzaamheden starten. Ideale omstandigheden zijn een kamertemperatuur van 20°C en een relatieve luchtvochtigheid van 60%. Het aanmaken van de voegspecie mag niet geschieden bij temperaturen beneden 5°C. Er mag eveneens niet meer voegmateriaal aangemaakt worden dan in 30 à 40 min. verwerkt kan worden.
Langskanten
- Een eerste laag voegmateriaal dient om alle openingen in en tussen de platen te sluiten en eventuele beschadigingen bij te werken. Dit dient te gebeuren met een plamuurmes van 100 mm breedte.
- Na volledige uitharding van de voorvulling (± 2 uur) kan door middel van het 100 mm brede plamuurmes een ± 2 mm dikke en 60 mm brede strook voegmateriaal aangebracht worden. In deze nog natte specie wordt vervolgens de voegband zo diep mogelijk ingedrukt.
- De weggedrukte specie wordt onmiddellijk met een breed plamuurmes over de voegband gestreken zodat de afschuining na deze bewerking volledig gevuld is.
- Tenslotte wordt na het verharden van deze laatste laag een nieuwe laag voegmateriaal aangebracht over een breedte van 200 à 300 mm. Het oppervlak van de specie ligt nu in hetzelfde vlak van het voorvlak van de EUROTHANE G platen.
- Na droging (± 10 uur) kunnen de grofste oneffenheden weggeschuurd worden met droog schuurpapier nr. 80.
- Na ontstoffen kan een zeer fijne laag (min. 100 mm breder dan de voegvullingslaag) voegafwerkpleister aangebracht worden. Deze dient licht opgeschuurd te worden met een droog schuurpapier nr. 120.
- De langskanten zijn fabrieksmatig afgeschuind.

Voegafwerking
1. Voegafwerkingspleister
2. Voegmateriaal
3. Voegband
4. Voegmateriaal
5. Afgeschuinde kanten
Inspringende hoeken
- Voegmateriaal gelijktijdig op beide muurvlakken aanbrengen met behulp van een hoektroffel.
- De voegband aanbrengen zoals hierboven beschreven. Langs beide zijden voegband bedekken met voegvullingsspecie. Dit over een breedte van ongeveer 100 mm langs beide zijden.
- Afschuren en voegafwerkingspleister aanbrengen zodat deze ongeveer 50 mm voorbij de voegvullingslaag komt.
Uitspringende hoeken
- Hier wordt geen gebruik gemaakt van voegband maar wel van een voegstrip met metaalinlage.
- Allereerst wordt voegmateriaal aangebracht op beide muurvlakken met behulp van een hoektroffel voor uitspringende hoeken - dit over een breedte van 50 mm op elke zijde van de hoek.
- Vervolgens wordt de voegstrip volgens de gewenste hoek geplooid en zodanig in het voegmateriaal gedrukt dat de metaalinlage zich ter plaatse van de EUROTHANE G panelen bevindt. Overtollig voegmateriaal wordt weggenomen alvorens een tweede laag voegmateriaal aangebracht wordt over een breedte van ongeveer 200 mm op elke zijde van de hoek.
- Afschuren en voegafwerkingspleister aanbrengen zodat deze ongeveer 50 mm voorbij de voegvullingslaag komt.
Kopse plaatkanten
- De kopse kanten van de EUROTHANE G platen zijn niet afgeschuind. Een afschuining (breedte ± 100 mm) dient dan ook gemaakt te worden zodat de voegband kan aangebracht worden.
- De afwerking gebeurt verder volledig identiek als uitgelegd in punt 1.
OPMERKING:
Ook nagel- of schroefgaten dienen afgewerkt te worden met twee lagen voegmateriaal.
AFWERKING VAN DE EUROTHANE G ISOLATIEPLATEN
Algemeen
- De meest voorkomende afwerkingsmaterialen kunnen toegepast worden op EUROTHANE G platen. Kalkhoudende afwerkingsproducten zijn echter niet geschikt.
- Na droging van de voegspecie dienen de platen ontstoft te worden en dient een voorstrijklaag (primer) aangebracht te worden (behalve bij betegeling).
Behangen
- Dampdicht behang wordt op Eurothane G gekleefd met een niet waterhoudende lijm. De compatibiliteit van het voorstrijkmiddel (primer) en de behanglijm dient steeds nagegaan te worden (belangrijk bij gebruik van zwaarder behangpapier).
- De voorstrijklaag zorgt er ook voor dat het behang gemakkelijk verwijderd kan worden: droog, met water of met stoom.
Schilderen
- Ook hier is het aan te bevelen een voorstrijklaag (primer) aan te brengen. Deze dient in overeenstemming te zijn met de gekozen verf. Normaal dienen 2 of meer lagen verf aangebracht te worden.
- Bij gebruik van glansverven is het zeker aan te bevelen het plaatoppervlak eerst volledig te plamuren.
Betegelen
- Voor het verkleven van tegels op EUROTHANE G platen dient steeds gebruik gemaakt te worden van tegellijm op kunstharsbasis.
- Tegels met een dikte tot 10 mm kunnen normaal op deze manier aangebracht worden. De tegels dienen steeds aangebracht te worden volgens de voorschriften van de tegellijmfabrikant.
Bevestigen van voorwerpen
- Wanneer voorwerpen aan EUROTHANE G platen bevestigd dienen te worden, moet men gebruik maken van holle wandpluggen in kunststof of metaal.
- De toelaatbare krachten per plug zijn: aan plafonds: 50 N (5 kg), aan wanden: 250 N (25 kg)
- Zwaardere voorwerpen dienen aan de onderstructuur bevestigd te worden.
- Buitengevelbekleding
KELDERMUUR
- Isolatie langs de buitenkant van de muur verlijmd met PUR lijm
- Isolatie langs de buitenkant van de muur verlijmd met warme bitumen



